Het Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR) heeft afgelopen week een rapportage aan de Tweede Kamer gestuurd over de regeldruk binnen de wet- en regelgeving op het terrein van VWS. Volgens het ATR is het aantal negatieve adviezen gericht aan VWS verminderd, maar blijft dit nog steeds erg hoog. Dit komt door een gebrek aan duidelijkheid over de nut en noodzaak van de voorgestelde wetgeving en het niet kiezen voor minder belastende alternatieven dat met minder regeldruk gepaard gaat.
Volgens ATR zijn er ondanks diverse initiatieven om de regeldruk te verminderen, zoals het programma ‘Ontregel de Zorg’ en de afspraken binnen het Integraal Zorgakkoord (IZA), nog steeds knelpunten. De hoge administratieve lasten beperken de tijd en middelen die zorgverleners kunnen besteden aan patiëntenzorg en dragen bij aan de toenemende personeelstekorten.
Tekortkomingen in wetgevingstrajecten
De rapportage analyseert de ontwikkelingen in de regeldruk tussen 2020 en 2024 en constateert structurele tekortkomingen in de wetgevingspraktijk. Zo ontbreekt het bij nieuwe regelgeving regelmatig aan een duidelijke probleemanalyse, waardoor het nut en de noodzaak van maatregelen niet goed onderbouwd zijn. ATR wijst bijvoorbeeld op het wetsvoorstel Integere Bedrijfsvoering in de Zorg (Wibz), waarbij onvoldoende is aangetoond waarom extra maatregelen nodig zijn naast bestaande regelgeving.
Een ander probleem is de opeenstapeling van regelgeving. Een voorbeeld hiervan is de Wtza, die met meldplichten en verantwoordingsverplichtingen al aanzienlijke administratieve lasten met zich meebrengt. Nieuwe wetgeving dreigt deze druk verder te verhogen, zonder dat bewezen is dat eerdere maatregelen onvoldoende effectief waren.
Oplossingsrichtingen
ATR benadrukt dat regelgeving beter moet aansluiten op de dynamiek van de zorgsector en minder star moet zijn. De focus moet verschuiven van procesgerichte registraties naar werkbare, doeltreffende regelgeving. Ook pleit het adviescollege voor het selectiever inzetten van wetgeving en het sneller evalueren van bestaande regels om onnodige administratieve lasten te voorkomen.
Om de regeldruk structureel te verminderen, adviseert ATR om nieuwe wet- en regelgeving strenger te toetsen op noodzaak en effectiviteit. Er moet minder snel naar nieuwe regels en toezicht worden gegrepen bij incidenten, en wetgeving moet beter aansluiten op de dagelijkse praktijk van zorgverleners, patiënten en aanbieders. Daarnaast moet er meer vertrouwen worden gesteld in de professionaliteit van zorgaanbieders en moeten procesgerichte verantwoordingseisen worden teruggedrongen. Stapeling van regels dient actief te worden tegengegaan door overbodige of overlappende maatregelen te schrappen. ATR pleit verder voor een fundamentele herziening van complexe wetgevingsstelsels, zoals de financiering van de zorg en de toelating van medicijnen, in plaats van kleine aanpassingen die de complexiteit vaak vergroten.
Hoe verder?
Op woensdag 19 maart 2025 presenteert het ATR de rapportage tijdens een technische briefing voor de Vaste Kamercommissie voor VWS. Tijdens deze bijeenkomst zal met name worden ingegaan op de adviezen van ATR en de vraag hoe de regeldruk in de komende jaren merkbaar kan worden verminderd.